|
Vijlen is een verspanende bewerking
Een van de eerste bewerkingen waarmee je in de werkplaats kennis
maakt om vorm te geven aan een werkstuk is vijlen.
Om te kunnen vijlen heeft men , behalve het werkstuk, nodig:
-
een vijl;
-
spangereedschap, bijv. een bankschroef.
Elke vijl is voorzien van een aantal scherpe snijkanten of
tanden. Deze kunnen we duidelijk zien als we de vijl onder een vergrootglas
houden. Wanneer we de vijl heen en weer over het werkstuk bewegen, worden
daarvan door de tanden kleine splintertjes of spanen afgenomen. De spanen zien
we als vijlsel van het werkstuk vallen. Vijlen is dus een
verspanende bewerking.
Alleen bij de heengaande beweging
snijden de tanden van de vijl spanen van het werkstuk
 |
 |
Bij de heengaande beweging drukken we op de vijl, zodat de tanden goed in het
materiaal kunnen dringen. Bij de teruggaande beweging snijden de tanden niet
(fig.E.18). Drukken op de vijl heeft dan ook geen zin, integendeel, de tanden
zullen sneller slijten als we ook tijdens de teruggaande beweging druk
uitoefenen!
Benamingen bij de vijl
Bij een vijl -zonder heft- onderschreiden we de volgende benamingen
(fig.E.19).

| arend:
|
Dit is het puntig uitgesmede gedeelte van de
vijl. Hierop wordt het heft bevestigd. |
| kap |
Dit is het gedeelte van de vijl waarop zich de
snijtanden bevinden. Deze worden met speciale machines in de vijl gekapt.
Er zijn vijlen waarvan alle zijden van het blad zijn voorzien van en kap;
er zijn ook vijlen waarvan een of meer kanten geen kap hebben. |
| spaarkant |
Dit is de zijde van de vijl die niet is
voorzien van een kap. In fig.E.20 is te zien wat het doel is van de
spaarkant: bij het vijlen in een hoek blijft het niet te bewerken vlak
onbeschadigd. |
| lengte van de vijl |
Dit is de lengte van het snijdende gedeelte van
de vijl. Men zou ook kunnen zeggen: de lengte van de vijl wordt gemeten
zonder de arend. |

De lengte van de vijl wordt gewoonlijk uitgedrukt in
Engelse duimen (1 Engelse duimen = 1 inch = 25,4mm)
| vijlheft |
 |
| Om de vijl goed te kunnen hanteren wordt hij in
een vijlheft gestoken (fig.E.21). Het vijlheft is meestal van hout of
kunststof vervaardigd. Het gat in het heft moet voldoende diep zijn en
smal dat de arend erin zal klemmen. |
Soort kap
Naar de vorm van de kap onderscheiden we:
| Vijlen met enkele kap |

|
| Een vijl met enkele kap heeft een
groot aantal schuin gekapte groefjes. Vijlen met een enkele kap zijn
geschikt voor het bewerken van zachte materialen. Het vijlsel valt
gemakkelijk uit de tanden. In fig.E.22 is van de vijl met enkele kap een
gedeelte vergroot afgebeeld. |
|
| Vijlen met dubbele kap |
 |
| Hier zijn de snijkanten in twee
richtingen (gekruist) aangebracht (fig.E.23). Er is dan een groot aantal
scherpe tandjes. Het is de normale kap voor het vijlen van staal. Vijlen
met dubbele kap zijn niet geschikt voor het bewerken van erg zachte
materialen. De tandjes houden het vijlsel van het zachte materiaal vast,
waardoor het vijlen steeds moeilijker gaat. Deze vijlen zijn daarentegen
wel geschikt voor het bewerken van hardere materialen. Ook hierbij blijft
er echter nog veel vijlsel achter tussen de tanden, zodat de vijlen
geregeld moeten worden schoongemaakt. Bij vijlen met dubbele kap is ook de
plaatsing van de tanden (fig.E.24) van belang

|
|